ECLI:NL:GHAMS:2001:AB2697
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Willems
- Krikke
- Den Ottolander
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel bij drugshandel en organisatieleiding
In deze strafzaak stond de ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel centraal, voortvloeiend uit bewezenverklaarde drugshandel en deelname aan een criminele organisatie. Verdachte werd eerder veroordeeld voor deelname aan een organisatie met als oogmerk het plegen van misdrijven, medeplegen van opzettelijke overtredingen van de Opiumwet en het vervoeren van grote hoeveelheden hashish.
De rechtbank had verdachte veroordeeld tot betaling van NLG 62.084.000,- aan de Staat, bij gebreke van betaling te vervangen door zes maanden hechtenis. Zowel het Openbaar Ministerie als verdachte gingen in hoger beroep tegen dit vonnis. Het hof onderzocht de zaak uitvoerig, waaronder verklaringen van betrokkenen en ambtelijke processen-verbaal.
Het hof verwierp de methode van vermogensvergelijking voor het vaststellen van het wederrechtelijk verkregen voordeel, vanwege het ontbreken van inzicht in de oorsprong van het vermogen en het strafrechtelijke karakter van de ontneming. Op basis van wettige bewijsmiddelen stelde het hof het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op NLG 27.950.000,-. Verdachte werd verplicht dit bedrag aan de Staat te betalen, bij gebreke waarvan zes maanden hechtenis volgt. Tevens werd een verzoek tot teruggave van inbeslaggenomen foto's afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid.
Uitkomst: Het hof stelt het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op NLG 27.950.000,- met betaling aan de Staat en zes maanden hechtenis bij gebreke daarvan.