ECLI:NL:CRVB:2026:819
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens niet-duurzaam ontbreken arbeidsvermogen
Appellant vroeg een Wajong-uitkering aan wegens acuut nierfalen en stelde dat hij op 26 juli 2023 duurzaam geen arbeidsvermogen had. Het Uwv weigerde de uitkering omdat het arbeidsvermogen niet duurzaam ontbrak, een standpunt dat de rechtbank Rotterdam bevestigde. De rechtbank oordeelde dat ondanks de ernstige nierklachten en de noodzaak van een niertransplantatie, er nog perspectief was op herstel binnen tien jaar, waardoor geen sprake was van duurzaam ontbreken van arbeidsvermogen.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat de rechtbank onvoldoende rekening hield met de risico’s en blijvende beperkingen na een niertransplantatie en met psychische klachten. Hij overhandigde een medische verklaring waarin werd gesteld dat herstel onrealistisch is en blijvende beperkingen blijven. Het Uwv stelde daartegen dat binnen tien jaar arbeidsvermogen kan ontstaan en dat appellant basale werknemersvaardigheden zal bezitten.
De Raad volgde het Uwv en de rechtbank, benadrukkend dat duurzaamheid betekent dat geen perspectief op herstel bestaat. Omdat er een geringe kans op herstel binnen tien jaar is, is het ontbreken van arbeidsvermogen niet duurzaam. De Raad bevestigde daarom de weigering van de Wajong-uitkering en wees het hoger beroep af. Appellant krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Wajong-uitkering omdat het arbeidsvermogen van appellant niet duurzaam ontbrak.