Uitspraak
.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Limburg inzake een WIA-zaak. Tijdens de procedure is afgesproken dat appellant nadere medische informatie zou aanleveren en dat het UWV een afspraak zou regelen voor een verzekeringsarts. Later heeft appellant het hoger beroep ingetrokken en verzocht om een proceskostenveroordeling tegen het UWV, omdat hij een ernstige inbreuk op zijn rechten ervaart en niet langer aan de procedure wenst deel te nemen.
De Raad heeft vastgesteld dat het hoger beroep niet is ingetrokken vanwege een gewijzigde beslissing waarbij geheel of gedeeltelijk aan de bezwaren van appellant is tegemoetgekomen, zoals vereist in artikel 8:75a van de Awb. Daarom is het verzoek om proceskostenveroordeling afgewezen. De Raad verwijst naar een eerdere uitspraak waarin de situatie anders was omdat daar geen sprake was van intrekking.
De zaak is niet op een nadere zitting behandeld omdat partijen daarmee instemden. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 9 april 2026 door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenveroordeling wordt afgewezen omdat het hoger beroep niet is ingetrokken vanwege tegemoetkoming door het bestuursorgaan.