ECLI:NL:CRVB:2026:266
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugwerkende kracht bijzondere bijstand voor bewindvoeringskosten
Appellante vroeg bijzondere bijstand voor bewindvoeringskosten met terugwerkende kracht vanaf 7 mei 2020. Het college kende bijstand toe vanaf 1 november 2021 en wees eerdere perioden af wegens gebrek aan bijzondere omstandigheden.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en liet het besluit in stand. Appellante stelde dat zij pas na een uitspraak van de Raad in 2022 wist dat zij recht had op bijstand en dat dit bijzondere omstandigheden vormde voor een eerdere ingangsdatum.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellante al vóór 15 november 2022 een aanvraag had kunnen doen en dat het feit dat zij die aanvraag niet kansrijk achtte vanwege lopende jurisprudentie geen bijzondere omstandigheid is. Daarom is het hoger beroep ongegrond en blijft de afwijzing voor de periode vóór 1 november 2021 gehandhaafd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van bijzondere bijstand met terugwerkende kracht vóór 1 november 2021 blijft gehandhaafd.