ECLI:NL:CRVB:2025:336
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang na gewijzigde beslissing UWV
In deze zaak heeft de Centrale Raad van Beroep het hoger beroep van appellante niet-ontvankelijk verklaard. Dit volgt uit het feit dat het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) op 4 november 2024 een gewijzigde beslissing op bezwaar heeft genomen waarin het volledig tegemoet is gekomen aan de bezwaren van appellante. Hierdoor bestaat er feitelijk geen geschil meer tussen partijen.
Hoewel appellante het hoger beroep niet heeft ingetrokken, ontbreekt het procesbelang, waardoor het hoger beroep niet-ontvankelijk wordt verklaard. De Raad heeft het nader onderzoek ter zitting achterwege gelaten op grond van de toepasselijke artikelen van de Algemene wet bestuursrecht.
Daarnaast is het UWV veroordeeld in de kosten die appellante redelijkerwijs heeft moeten maken voor de verleende rechtsbijstand in beroep en hoger beroep, begroot op €6.802,50. Tevens wordt het betaalde griffierecht van €181,- door het UWV aan appellante vergoed. De beslissing is uitgesproken door E.W. Akkerman op 5 maart 2025.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang na gewijzigde beslissing UWV.