ECLI:NL:CRVB:2025:1863
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens arbeidsvermogen na achttiende verjaardag
Appellante vroeg een Wajong-uitkering aan wegens migraine en bekkenhypertonie, maar het UWV stelde dat zij vanaf haar achttiende verjaardag tot vijf jaar daarna arbeidsvermogen had. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond vanwege een laattijdige aanvraag en het ontbreken van objectieve gegevens die het ontbreken van arbeidsvermogen zouden aantonen.
Appellante voerde aan dat zij al sinds 2009 migraineklachten had en zich vaak ziek moest melden, waardoor zij niet kon werken. Zij onderbouwde dit met verklaringen van haar moeder en ex-partner en huisartsgegevens. Het UWV verwees naar verzekeringsgeneeskundige en arbeidskundige onderzoeken die concludeerden dat appellante in de relevante periode wel belastbaar was en meerdere dienstverbanden had.
De Raad oordeelt dat het UWV terecht heeft vastgesteld dat appellante arbeidsvermogen had vanaf haar achttiende verjaardag tot 2020. De medische informatie van appellante was onvoldoende concreet en objectief om dit te weerleggen. De verslechtering van haar gezondheid trad pas na de Wajong-relevante periode op. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen en de weigering van de Wajong-uitkering blijft in stand.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Wajong-uitkering omdat appellante vanaf haar achttiende verjaardag arbeidsvermogen had.