ECLI:NL:CRVB:2025:1782
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Ziektewetuitkering wegens ontbreken toegenomen beperkingen sinds WIA-beoordeling
Appellante heeft zich op 10 mei 2023 ziekgemeld en verzocht om een Ziektewetuitkering. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) weigerde deze uitkering omdat uit medisch en arbeidskundig onderzoek bleek dat appellante geen toegenomen beperkingen had sinds de eerdere WIA-beoordeling. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van appellante ongegrond en bevestigde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat haar beperkingen waren toegenomen en dat de verzekeringsarts per geduide functie had moeten motiveren waarom zij geschikt zou zijn. De Raad oordeelde echter dat het Uwv voldoende had gemotiveerd dat de beperkingen niet waren toegenomen en dat appellante in staat was om de functies te vervullen die eerder in het kader van de WIA-beoordeling waren vastgesteld.
De Raad benadrukte dat volgens het nieuwe beoordelingskader van 23 december 2022 een weigering van een ZW-uitkering niet kan worden gebaseerd op slechts één functie, maar dat ten minste drie functies geschikt moeten zijn gebleven. Aangezien de medische situatie van appellante niet was verslechterd, voldeed zij aan deze voorwaarden. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de weigering van de ZW-uitkering bleef in stand.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Ziektewetuitkering per 10 mei 2023 wegens het ontbreken van toegenomen beperkingen sinds de WIA-beoordeling.