ECLI:NL:CRVB:2024:2222
Centrale Raad van Beroep
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep tegen bijdrage maatwerkvoorziening beschermd wonen Wmo 2015
Appellant ontvangt sinds 1 september 2018 een maatwerkvoorziening beschermd wonen op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015) en moet daarvoor een eigen bijdrage betalen. Het CAK heeft deze bijdrage per 1 januari 2021 herzien en vastgesteld op € 320,17 per maand. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar het CAK verklaarde dit bezwaar ongegrond.
De rechtbank Oost-Brabant heeft het beroep van appellant tegen het bestreden besluit eveneens ongegrond verklaard, waardoor het besluit in stand bleef. Appellant ging in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep, maar bracht geen nieuwe of andere gronden aan die tot een ander oordeel konden leiden.
De Raad onderschrijft de motivering van het CAK en de rechtbank, waarbij het duidelijk is hoe de bijdrage is berekend, met name de aftrekpost van 15% van de netto-opbrengst van de arbeid in het voorafgaande jaar. Er is geen onderbouwing dat de bijdrage onredelijk bezwarend is. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er wordt geen proceskostenvergoeding toegekend en het betaalde griffierecht wordt niet teruggegeven.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.