ECLI:NL:CRVB:2024:2002
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens arbeidsvermogen op 18e verjaardag
Appellante heeft een aanvraag ingediend voor een Wajong-uitkering vanwege haar gezondheidsproblemen, waaronder het deletiesyndroom 16p11.2, gedragsproblemen en rugpijn. Het UWV heeft na medisch en arbeidskundig onderzoek geconcludeerd dat zij arbeidsvermogen heeft en heeft de uitkering geweigerd.
De rechtbank heeft het bezwaar van appellante ongegrond verklaard en het besluit van het UWV in stand gelaten. Appellante stelde dat zij niet over arbeidsvermogen beschikte en als jonggehandicapte moest worden aangemerkt, maar kon dit niet met nieuwe medische stukken onderbouwen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het UWV terecht heeft vastgesteld dat appellante op haar achttiende verjaardag over arbeidsvermogen beschikte. Dit oordeel is gebaseerd op zorgvuldige medische en arbeidskundige rapporten waarin ook de noodzaak van permanente begeleiding is meegewogen. Appellante voldoet aan de criteria voor beschut werk en kan taken uitvoeren met begeleiding.
Het hoger beroep wordt verworpen, de weigering van de Wajong-uitkering blijft van kracht en appellante krijgt geen vergoeding van proceskosten. De uitspraak bevestigt de eerdere beslissing van de rechtbank.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellante op haar achttiende verjaardag over arbeidsvermogen beschikte en daarom geen recht heeft op een Wajong-uitkering.