Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Samenvatting
Inleiding
(was 9 november 2020).
Centrale Raad van Beroep
Appellant ontving een Ziektewet-uitkering die het UWV per 11 november 2020 beëindigde, omdat hij volgens medische beoordelingen geschikt was voor ten minste drie functies geselecteerd bij de WIA-beoordeling. Appellant voerde aan dat hij door diverse klachten niet in staat was te werken, maar bracht geen nieuwe medische gegevens ter onderbouwing.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat de medische onderzoeken zorgvuldig waren uitgevoerd en dat het subjectieve oordeel van appellant onvoldoende was zonder objectieve medische bevestiging. De Centrale Raad van Beroep onderschreef deze beoordeling en wees op het toetsingskader voor ZW-uitkeringen na een WIA-beoordeling, waarbij de geschiktheid voor ten minste drie functies en een arbeidsgeschiktheid van minimaal 65% centraal staat.
De Raad concludeerde dat appellant geen toename van medische beperkingen had aangetoond en dat het UWV daarom terecht de uitkering beëindigde. Het hoger beroep werd verworpen, de eerdere uitspraak bevestigd, en appellant kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het UWV terecht de ZW-uitkering van appellant per 11 november 2020 heeft beëindigd.