Uitspraak
22.2715 WIA
OVERWEGINGEN
artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Centrale Raad van Beroep
Appellant, die sinds 2010 arbeidsongeschikt is, verzocht het UWV om terug te komen op besluiten uit 2011 en 2012 waarbij zijn Ziektewet-uitkering werd beëindigd. Het UWV weigerde dit omdat er geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren zoals bedoeld in artikel 4:6 van Pro de Awb. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de door appellant aangevoerde medische gegevens uit latere jaren geen aanleiding gaven tot herziening van de eerdere besluiten.
In hoger beroep stelde appellant dat nieuwe medische diagnoses zoals leukopenie en de ziekte van Raynaud, evenals operaties en verergerde klachten, aanleiding waren om het oordeel te herzien. De Centrale Raad van Beroep volgde dit niet en bevestigde dat deze medische gegevens weliswaar nieuw zijn, maar niet leiden tot een andere inschatting van de belastbaarheid in de relevante periode.
De Raad benadrukte dat een medisch rapport op zich geen nieuw feit is, maar dat uit het rapport wel nieuwe feiten kunnen blijken. In dit geval was dat niet het geval. Ook het argument van evidente onredelijkheid werd verworpen. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere besluiten van het UWV blijven in stand.