ECLI:NL:CRVB:2023:838
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens te late indiening beroepschrift Wajong-uitkering
Appellant heeft tegen een uitspraak van de rechtbank Den Haag hoger beroep ingesteld inzake een Wajong-uitkering. De aangevallen uitspraak werd op 6 september 2022 aan partijen toegezonden, waarna de beroepstermijn van zes weken liep tot 18 oktober 2022. Het beroepschrift werd echter pas op 8 november 2022 per e-mail ontvangen, waardoor het niet tijdig was ingediend.
Appellant en zijn gemachtigde voerden aan dat de termijnoverschrijding te wijten was aan het feit dat de oorspronkelijke advocaat de belangen niet langer wilde behartigen en dat appellant vanwege psychische klachten en lopende civielrechtelijke procedures met betrekking tot zijn kinderen de termijn verkeerd had ingeschat. Ondanks verzoeken om uitstel en een voorlopige indiening werd het hoger beroep niet ontvankelijk verklaard.
De Raad oordeelde dat het risico van te late indiening volledig voor rekening van appellant komt, die tijdig een derde had kunnen inschakelen om het beroepschrift binnen de termijn in te dienen. Gelet hierop en het ontbreken van een gegronde reden om het verzuim te verontschuldigen, werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard zonder verdere inhoudelijke behandeling.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn.