ECLI:NL:CRVB:2023:335
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep wegens gewijzigde beslissing UWV
Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van het UWV. Tijdens de procedure heeft het UWV een gewijzigde beslissing op bezwaar genomen, waarmee het deels tegemoet is gekomen aan de bezwaren van appellante. Naar aanleiding hiervan heeft appellante het hoger beroep ingetrokken en verzocht om een proceskostenveroordeling van het UWV.
De Raad heeft het onderzoek ter zitting achterwege gelaten en het verzoek van appellante beoordeeld op basis van de ingediende stukken. Op grond van artikel 8:75a en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht is het mogelijk om het bestuursorgaan te veroordelen in de proceskosten wanneer het beroep wordt ingetrokken omdat het bestuursorgaan aan de indiener tegemoet is gekomen.
De Raad heeft het UWV veroordeeld tot betaling van de proceskosten van appellante, begroot op in totaal €3.348,- voor rechtsbijstand in zowel beroep als hoger beroep. Voor het griffierecht kan appellante zich rechtstreeks tot het UWV wenden. De uitspraak is gedaan door rechter F.M. Rijnbeek op 22 februari 2023.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van €3.348,- aan proceskosten aan appellante na intrekking van het hoger beroep.