ECLI:NL:CRVB:2023:2474
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor medisch deskundigenonderzoek bij civiele procedure
Appellante vroeg bijzondere bijstand voor de kosten van een medisch deskundigenonderzoek om een civiele procedure te starten tegen het ziekenhuis dat zij verantwoordelijk houdt voor het overlijden van haar dochter in 2020. Het college van burgemeester en wethouders van Weert wees de aanvraag af omdat er een andere wettelijke regeling bestaat die deze kosten subsidiëert, namelijk de Regeling subsidiëring medische haalbaarheidsonderzoeken in letselschadezaken.
De rechtbank Limburg verklaarde het beroep van appellante ongegrond en handhaafde het besluit. Appellante stelde in hoger beroep dat de vergoeding van € 200,- onder de Regeling onvoldoende is en dat zij daardoor in een wapenongelijkheid terechtkomt, aangezien de kosten van een medisch deskundigenadvies in de civiele procedure veel hoger kunnen zijn.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de Regeling een voorliggende voorziening is die als passend en toereikend moet worden beschouwd. De Raad verwees naar eerdere jurisprudentie waarin is vastgesteld dat een medisch haalbaarheidsonderzoek slechts dient om de kans op succes in een civiele procedure in te schatten en dat eventuele wapenongelijkheid in die civiele procedure zelf aan de orde kan komen.
Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard, het bestreden besluit bevestigd en appellante kreeg geen bijzondere bijstand of vergoeding van proceskosten. Ook het betaalde griffierecht wordt niet teruggegeven.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van bijzondere bijstand voor het medisch deskundigenonderzoek.