Uitspraak
22.2211 AOR
.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant, erkend als oorlogsslachtoffer met psychisch oorlogsletsel en een invaliditeitsuitkering, verzocht om vergoeding van medicijnen voor zijn suikerziekte onder de Algemene Oorlogsgongevallenregeling (AOR).
Verweerder wees dit verzoek af omdat in 2011 al was vastgesteld dat de suikerziekte een constitutionele aandoening is zonder verband met de oorlogsomstandigheden. Nieuwe medische gegevens die tot een ander oordeel zouden leiden, ontbreken. Appellant voerde aan dat wetenschappelijke studies een verband kunnen aantonen, maar deze algemene medische opvattingen zijn niet specifiek voor zijn situatie.
De Raad concludeert dat het bestreden besluit deugdelijk is voorbereid en gemotiveerd, en dat het beroep ongegrond is. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van vergoeding van medicijnen blijft gehandhaafd.