ECLI:NL:CRVB:2023:1830
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring wegens niet-betaling griffierecht afgewezen
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar dit hoger beroep werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet was betaald. Vervolgens heeft appellante verzet aangetekend tegen deze niet-ontvankelijkverklaring.
De Centrale Raad van Beroep heeft appellante meerdere malen de gelegenheid geboden om de gronden van het verzet kenbaar te maken, met telkens een termijn van vier weken. Deze termijnen zijn ongebruikt verstreken zonder dat appellante enige gronden heeft aangedragen.
Omdat appellante geen feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die aantonen dat zij niet in verzuim was met betrekking tot de betaling van het griffierecht, verklaart de Raad het verzet niet-ontvankelijk. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzet wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet betalen van het griffierecht en het ontbreken van verzetsgronden.