ECLI:NL:CRVB:2022:2603
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag 24-uurszorg nabijheid op grond van Wlz
Appellant, geboren in 2005 en bekend met diverse lichamelijke en psychische aandoeningen, heeft een aanvraag ingediend voor zorg op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz). Het CIZ wees deze aanvraag af omdat niet kon worden vastgesteld dat appellant een blijvende behoefte heeft aan 24 uur per dag zorg in de nabijheid.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep. Appellant verwees naar medische rapporten die een blijvende zorgbehoefte ondersteunen, waaronder een rapport van een testpsycholoog en brieven van kinderrevalidatiearts en kinderarts.
De medisch adviseurs van het CIZ stelden echter dat de diagnostiek nog gaande is, er geen definitieve diagnose is en dat een multidisciplinaire behandeling nog niet heeft plaatsgevonden. Gezien de mogelijkheid van verbetering achtte het CIZ het niet bewezen dat er een blijvende behoefte aan 24-uurszorg is.
De Raad oordeelde dat het CIZ zich terecht op deze medische adviezen heeft gebaseerd en dat deze adviezen zorgvuldig en juist tot stand zijn gekomen. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant geen blijvende behoefte heeft aan 24 uur per dag zorg in de nabijheid.