ECLI:NL:CRVB:2022:2050
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omvang ondersteuning wasverzorging volgens CIZ-protocol
Appellante, geboren in 1941, ondervindt beperkingen bij het huishouden en ontvangt op grond van de Wmo 2015 een maatwerkvoorziening van zeven uur en 30 minuten per week, waarvan twee uur voor wasverzorging. Het college baseerde deze omvang op het CIZ-protocol, rekening houdend met extra was door medische beperkingen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, omdat zij onvoldoende medische onderbouwing leverde voor een hogere toekenning. Appellante stelde in hoger beroep dat zij minimaal vijf wasbeurten per week heeft en dat twee uur onvoldoende is.
De Raad oordeelt dat het college terecht de normtijden van het CIZ-protocol heeft toegepast en de extra tijd passend heeft verhoogd. Appellante heeft niet concreet en verifieerbaar aangetoond dat de ondersteuning ontoereikend is. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de ondersteuning bij de wasverzorging terecht is vastgesteld op twee uur per week.