ECLI:NL:CRVB:2022:1084
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Rectificatie uitspraak kostenveroordeling in hoger beroep Wlz-zaken
De gemachtigde van betrokkene heeft de Raad schriftelijk gewezen op een kennelijke fout in de uitspraak van 8 december 2021 betreffende proceskosten en griffierechtvergoeding. De Raad heeft partijen de gelegenheid gegeven zich schriftelijk uit te laten over een rectificatie.
De Raad heeft geoordeeld dat het bedrag aan proceskosten correct moet worden vastgesteld op € 2.404,-, bestaande uit kosten in bezwaar en hoger beroep, en dat geen vergoeding van griffierecht aan betrokkene toekomt omdat deze niet verschuldigd was. Verzoeken tot vergoeding van eigen bijdragen voor rechtsbijstand en reiskosten zijn afgewezen op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht en de Awb.
De Raad benadrukt dat kostenveroordelingen met betrekking tot voorlopige voorzieningprocedures uitsluitend in die procedures kunnen worden uitgesproken en niet in de bodemprocedure. De rectificatie is gepubliceerd en een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak is toegevoegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep rectificeert de uitspraak en veroordeelt het CIZ in proceskosten van € 2.404,-, zonder griffierechtvergoeding of vergoeding van eigen bijdragen en reiskosten.