ECLI:NL:CRVB:2021:3351
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzet ongegrond wegens te laat beroep op betalingsonmacht bij niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar dit hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet betalen van het griffierecht en het te laat indienen van gronden. Appellant heeft vervolgens verzet aangetekend tegen deze niet-ontvankelijkverklaring en daarbij aangevoerd dat hij het griffierecht niet kon betalen.
De Centrale Raad van Beroep heeft het verzet behandeld en vastgesteld dat appellant zijn beroep op betalingsonmacht pas in het verzetschrift heeft gedaan, dus na de betalingstermijn. Volgens de geldende regels moet een beroep op betalingsonmacht binnen de betalingstermijn worden ingediend. Hierdoor komt het niet betalen van het griffierecht voor rekening en risico van appellant.
De Raad verklaart het verzet daarom ongegrond en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter J.C. Boeree en griffier J. Oosterveen op 24 december 2021.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wordt ongegrond verklaard wegens te laat beroep op betalingsonmacht.