ECLI:NL:CRVB:2021:2861
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring verzoek om herziening wegens niet-betaling griffierecht
De Centrale Raad van Beroep behandelde het verzet van verzoeker tegen de uitspraak van 21 mei 2021, waarin het verzoek om herziening van een eerdere uitspraak niet-ontvankelijk werd verklaard wegens het niet betalen van het griffierecht.
Verzoeker voerde aan dat het vanuit Marokko moeilijk is om geld over te maken en dat hij ziek was en op het platteland woont waar post laat aankomt. Desondanks heeft hij geen bewijs geleverd dat hij binnen de gestelde termijn heeft geprobeerd het griffierecht te voldoen.
De Raad oordeelde dat de aangevoerde omstandigheden onvoldoende zijn om het verzuim te rechtvaardigen. Het verzet is daarom ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
De uitspraak werd gedaan door J.C. Boeree, in aanwezigheid van griffier B. van Dijk, en uitgesproken in het openbaar op 19 november 2021.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het verzoek om herziening wordt ongegrond verklaard.