ECLI:NL:CRVB:2021:2855
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van de Griend
- J.T.H. Zimmerman
- J.C.F. Talman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging disciplinaire straf wegens plichtsverzuim bij politiefunctionaris
Appellant, werkzaam bij de politie sinds 1993, werd beschuldigd van plichtsverzuim omdat hij op 9 maart 2018 politiesystemen voor privédoeleinden raadpleegde, politie-informatie deelde met onbevoegde derden en niet naar waarheid verklaarde tijdens een intern onderzoek.
Na een oriënterend onderzoek en een strafrechtelijk onderzoek, waarbij de verdenking van computervredebreuk werd geseponeerd, legde de korpschef een disciplinaire straf op van vermindering van het salarisnummer met één jaar voor de duur van twee jaren. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het plichtsverzuim toerekenbaar was en de straf niet onevenredig.
De Centrale Raad van Beroep onderschrijft het oordeel van de rechtbank en bevestigt dat de disciplinaire straf passend is. Het beroep wordt verworpen, waarbij ook het argument dat de lange duur van het onderzoek een strafverlichtende omstandigheid zou zijn, niet wordt gehonoreerd.
Uitkomst: De disciplinaire straf van vermindering van het salarisnummer met één jaar voor de duur van twee jaren wordt bevestigd.