ECLI:NL:CRVB:2021:2277
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening Ziektewetuitkering wegens ontbreken nieuwe feiten
Verzoeker heeft bij de Centrale Raad van Beroep verzocht om herziening van de uitspraak van 30 januari 2020 waarin de beëindiging van zijn Ziektewetuitkering werd bevestigd. Hij voerde aan dat zijn medische situatie niet juist was weergegeven en dat zijn verdienvermogen onjuist was beoordeeld. Tevens stelde hij dat nieuwe feiten zich hadden voorgedaan die tot een andere uitkomst zouden kunnen leiden.
De Raad heeft overwogen dat het verzoek om herziening alleen kan worden toegewezen indien sprake is van feiten of omstandigheden die voor de uitspraak niet bekend waren en redelijkerwijs niet bekend konden zijn, en die bij bekendheid tot een andere uitspraak zouden hebben geleid. De aangevoerde medische klachten en omstandigheden waren reeds bekend en betrokken bij de eerdere beoordeling. Ook de indicatie banenafspraak uit 2019 is niet relevant voor de situatie per 18 december 2016.
De Raad concludeert dat het verzoek om herziening niet voldoet aan de wettelijke voorwaarden en wijst het af. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de uitspraak over de beëindiging van de Ziektewetuitkering wordt afgewezen.