Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
A.L.K. Dagmar als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 2 september 2021.
Centrale Raad van Beroep
Appellant heeft zich ziek gemeld in 2011 met psychische klachten en verzocht om een WIA-uitkering, welke door het UWV in 2013 werd geweigerd wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid. Na een melding van toegenomen klachten in 2016 wees het UWV opnieuw een WIA-uitkering af, waarop appellant bezwaar maakte en in beroep ging.
In hoger beroep stelde appellant dat de beperkingen op 21 december 2016 verdergaand waren dan eerder vastgesteld, onderbouwd met een expertiserapport van een medisch adviseur die een maximale belastbaarheid van 6 uur per dag en 30 uur per week concludeerde. Het UWV voerde aan dat dit rapport onvoldoende objectivering bood en dat de verzekeringsarts geen aanwijzingen zag voor toegenomen beperkingen.
De Raad oordeelde dat de medische gegevens waarop de medisch adviseur zich baseerde gelijk waren aan die van de verzekeringsartsen en dat de vermeende toename van klachten uitsluitend gebaseerd was op gesprekken zonder objectieve onderbouwing. Omdat appellant geen nieuwe aandoeningen of klachten had gemeld en niet onder behandeling was, was er geen reden om het medisch oordeel van het UWV in twijfel te trekken.
Daarom werd het verzoek tot benoeming van een deskundige afgewezen en het hoger beroep ongegrond verklaard. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en het verzoek tot vergoeding van deskundigenkosten werd afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de WIA-uitkering wordt bevestigd.