ECLI:NL:CRVB:2021:2220
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijk verklaring hoger beroep wegens ontbreken procesbelang bij Ziektewet-uitkering
Appellant meldde zich op 17 januari 2017 ziek vanuit een werkloosheidssituatie en ontving een Ziektewet-uitkering. Het UWV besloot op 22 december 2017 dat appellant geen recht meer had op de uitkering vanaf 29 december 2017. Appellant maakte bezwaar, dat ongegrond werd verklaard, waarna de rechtbank het beroep van appellant eveneens ongegrond verklaarde.
In hoger beroep verzocht appellant de voortzetting van de Ziektewet-uitkering per 29 december 2017. Echter, op 11 maart 2021 nam het UWV een gewijzigde beslissing op bezwaar waarbij het bezwaar alsnog gegrond werd verklaard en de uitkering ongewijzigd werd voortgezet. Hierdoor was het procesbelang van appellant in het hoger beroep komen te vervallen.
De Raad verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang. Daarnaast werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van de door appellant gemaakte kosten voor rechtsbijstand, reiskosten en griffierecht, omdat appellant in hoger beroep en beroep rechtshulp had ingeschakeld. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 1 september 2021.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang na een gewijzigde beslissing van het UWV.