Uitspraak
19.2635 AW
OVERWEGINGEN
- Projectleider
- Bevoegdheden en mandaat
- Strategisch plan
- Governance
- Doel van de functie
Centrale Raad van Beroep
Appellant, werkzaam bij de Belastingdienst en belast met de ontwikkeling van het datawarehouse en Risico Analyse Model (RAM), had bezwaar gemaakt tegen zijn functiebeschrijving en waardering, waarbij hij een hogere salarisschaal en programmamanagersfunctie nastreefde.
Na een functiewaarderingsonderzoek en meerdere procedures stelde de staatssecretaris de functiebeschrijving vast overeenkomstig het FIF 2016, waarin appellant als projectleider werd gekwalificeerd. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel in hoger beroep.
De Raad oordeelt dat appellant geen programmamanager is omdat de vereiste strategische verantwoordelijkheden, mandaat en budgetten ontbreken. Het FIF 2016 weerspiegelt de feitelijk opgedragen werkzaamheden adequaat, waarbij het beperkte mandaat en de projectmatige aard van RAM en FleXviewer centraal staan.
De Raad onderschrijft de motivering van de staatssecretaris en de rechtbank, wijst de gronden van appellant af en bevestigt het bestreden besluit. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het FIF 2016 een juiste weergave is van de feitelijk opgedragen werkzaamheden van appellant.