Uitspraak
19/2929 PW
PROCESVERLOOP
J.C.N. van Dijk.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellante ontving bijstand op grond van de Participatiewet en werd door het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven verzocht bankafschriften te overleggen in het kader van een rechtmatigheidsonderzoek. Na het niet volledig overleggen van deze gegevens werd haar bijstand opgeschort en later ingetrokken.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond. In hoger beroep stelde appellante dat haar medische situatie het niet tijdig overleggen van de bankafschriften rechtvaardigde. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de gevraagde bankafschriften wel degelijk van belang waren en dat appellante niet aannemelijk had gemaakt dat zij deze niet binnen de gestelde termijn kon overleggen.
De Raad bevestigde dat het college bevoegd was tot intrekking van de bijstand en wees het hoger beroep af. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: De intrekking van de bijstand wegens het niet tijdig overleggen van bankafschriften wordt bevestigd.