ECLI:NL:CRVB:2020:781
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening ouderdomspensioen wegens ontbreken duurzaam gescheiden leven echtgenoten
Betrokkene ontving een ouderdomspensioen voor een ongehuwde pensioengerechtigde, terwijl de Sociale verzekeringsbank (Svb) op grond van een onderzoek concludeerde dat zij en haar echtgenoot niet duurzaam gescheiden leven. De Svb herzag het pensioen en paste dit aan naar dat voor een gehuwde pensioengerechtigde, wat betrokkene aanvocht bij de rechtbank Rotterdam.
De rechtbank oordeelde dat betrokkene aannemelijk had gemaakt dat zij duurzaam gescheiden leefde en vernietigde het besluit van de Svb. De Svb ging hiertegen in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad overwoog dat de feitelijke omstandigheden bepalend zijn voor duurzaam gescheiden leven en dat motieven niet relevant zijn. Uit de feiten bleek dat de echtgenoten regelmatig contact hadden, de echtgenoot een sleutel bezat en hulp bood, waardoor geen sprake was van een gewilde verbreking van de echtelijke samenleving.
Daarom vernietigde de Raad het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van de Svb ongegrond. Betrokkene had geen recht op het pensioen voor een ongehuwde pensioengerechtigde en het pensioen moest worden herzien naar dat voor een gehuwde pensioengerechtigde.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en het ouderdomspensioen wordt herzien naar dat voor een gehuwde pensioengerechtigde.