ECLI:NL:CRVB:2020:3551
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling korting AOW-pensioen wegens niet verzekerde tijdvakken en grensoverschrijdende woonplaats
Appellant heeft beroep ingesteld tegen de korting op zijn AOW-pensioen omdat hij meent dat hij onterecht als niet verzekerd is aangemerkt in bepaalde periodes. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) had een korting vastgesteld omdat appellant in bepaalde periodes in Spanje woonde en niet als ingezetene van Nederland werd beschouwd, waardoor hij niet verzekerd was voor de AOW.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep stelt vast dat de rechtbank en Svb ten onrechte het woonplaatsbegrip hebben toegepast zonder rekening te houden met de grensoverschrijdende situatie en Europese regelgeving. De Raad acht appellant in de periode 30 augustus 2001 tot 18 april 2004 als verzekerd, omdat hij zijn gewone centrum van belangen in Nederland had.
Voor de periode 2 juni 2012 tot 4 oktober 2015 erkent de Raad dat appellant in bepaalde tijdvakken via uitzendbureaus in Nederland verzekerd was, maar in tussenliggende periodes niet. De Raad corrigeert enkele onterechte uitsluitingen van verzekerde tijdvakken in 2014 en beperkt de niet-verzekerde periode tot ongeveer één jaar. Hierdoor wordt de korting op het pensioen beperkt tot 2%. De Raad vernietigt het bestreden besluit en bepaalt dat appellant recht heeft op een AOW-pensioen van 98% van het maximale bedrag vanaf 4 oktober 2015.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het AOW-pensioen vastgesteld op 98% van het maximale bedrag vanaf 4 oktober 2015.