ECLI:NL:CRVB:2020:2442
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering belastingteruggave als inkomen bij bijstand
Appellante ontving sinds 2014 bijstand en kreeg in 2017 een belastingteruggave van €3.163,- over het jaar 2015. Het college van burgemeester en wethouders van Capelle aan den IJssel vorderde dit bedrag terug, omdat het als inkomen over 2015 werd aangemerkt. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep voerde appellante aan dat de teruggave betrekking had op verrekenbare verliezen uit eerdere jaren waarin geen bijstand werd genoten, en daarom als vermogen moest worden beschouwd.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de teruggave betrekking heeft op loonheffingen over 2015, het jaar waarin appellante wel bijstand ontving. Het feit dat de teruggave voortkomt uit verrekenbare verliezen uit eerdere jaren is niet relevant voor de kwalificatie als inkomen in 2015. De Raad verwierp het beroep en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
De Raad ging ook in op Kamervragen aan de staatssecretaris over de kwalificatie van verrekenbare verliezen, maar stelde dat deze niet van toepassing zijn op de belastingteruggave zelf. De terugvordering van het bedrag als inkomen is daarmee rechtmatig en in overeenstemming met de Participatiewet.
Uitkomst: De belastingteruggave over 2015 wordt terecht als inkomen aangemerkt en de terugvordering wordt bevestigd.