Uitspraak
16.2998 AOW
OVERWEGINGEN
Rente wegen voller Erwerbsminderungte ontvangen en een Nederlandse uitkering ingevolge de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen. Bij besluit van 25 maart 2015 is deze aanvraag afgewezen. Daarbij heeft de Svb overwogen dat, omdat zijn Nederlandse bruto uitkering hoger is dan zijn Duitse, appellant niet voldoet aan de voorwaarden voor de vrijstelling. In bezwaar benadrukt appellant dat hij over zijn Duitse Rente al premies voor een ouderdomspensioen heeft voldaan in Duitsland en dat hij daarom van mening is dat in Nederland niet nogmaals te hoeven doen. Hij verwijst hierbij onder andere naar het arrest De Ruyter van 26 februari 2015, C-623/13, van het Hof van Justitie van de Europese Unie. Bij beslissing op bezwaar van 20 augustus 2015 (bestreden besluit) heeft de Svb het bezwaar ongegrond verklaard.