ECLI:NL:CRVB:2019:461
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing nabestaandenuitkering wegens niet-verzekerd zijn echtgenoot bij overlijden
Appellante, woonachtig in Marokko, verzocht om een nabestaandenuitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet (ANW) na het overlijden van haar echtgenoot in 2016. Haar echtgenoot had in Nederland gewerkt en gewoond, maar was in 1996 teruggekeerd naar Marokko en ontving een AOW-pensioen.
De Sociale verzekeringsbank (Svb) wees de aanvraag af omdat de echtgenoot ten tijde van zijn overlijden niet verzekerd was voor de ANW. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellante ongegrond. In hoger beroep voerde appellante aan dat haar echtgenoot in Nederland had gewerkt en zij daarom recht zou hebben op de uitkering.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de echtgenoot niet verzekerd was omdat hij niet meer in Nederland woonde of werkte en ook niet vrijwillig verzekerd was. Het ontvangen AOW-pensioen en het ontbreken van verzekering onder Marokkaanse wetgeving sloten aanspraak op de uitkering uit. Het hoger beroep werd daarom afgewezen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de nabestaandenuitkering omdat de echtgenoot niet verzekerd was ten tijde van zijn overlijden.