ECLI:NL:CRVB:2019:4161
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijk verklaring verzoek om voorlopige voorziening in hoger beroep AWBZ-VV
Verzoeker heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Noord-Holland en verzocht om een voorlopige voorziening. De Centrale Raad van Beroep bevestigde bij uitspraak van 27 november 2019 de aangevallen uitspraak, waardoor het hoger beroep niet langer aanhangig was.
De voorzieningenrechter overweegt dat voor het treffen van een voorlopige voorziening vereist is dat er een hoger beroep aanhangig is. Hoewel het voldoende is dat er op enig moment hoger beroep is ingesteld, moet het hoger beroep nog steeds aanhangig zijn op het moment van het verzoek.
Omdat het hoger beroep niet meer aanhangig is, is het verzoek om voorlopige voorziening kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. De uitspraak is gedaan zonder zitting en er is geen veroordeling in proceskosten opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het hoger beroep niet langer aanhangig is.