ECLI:NL:CRVB:2019:3801
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aanvraag ontheffing werkzaamheden en onderbezetting bij politie
Betrokkene diende een aanvraag in voor ontheffing van werkzaamheden op grond van artikel 55aa van het Besluit algemene rechtspositie politie. De korpschef wees deze aanvraag af vanwege onderbezetting en het ontbreken van een vrijkomende formatieplaats.
De rechtbank Rotterdam vernietigde dit besluit en gaf de korpschef opdracht een nieuw besluit te nemen, waarbij de beoordeling ex nunc plaatsvond. De Centrale Raad van Beroep oordeelde echter dat de beoordeling moet plaatsvinden op de peildatum 1 juni 2017, wat de rechterlijke toets kan doorstaan.
De Raad vernietigde het eerdere besluit van de korpschef en bepaalde dat deze opnieuw moet onderzoeken of op de peildatum een herplaatsingskandidaat geplaatst kon worden. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen omdat niet vaststaat of betrokkene schade heeft geleden.
De korpschef werd veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht werd opgelegd. De Raad bepaalde dat beroep tegen het nieuwe besluit slechts bij de Raad kan worden ingesteld.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt het bestreden besluit en draagt de korpschef op een nieuwe beslissing te nemen op basis van de situatie op de peildatum 1 juni 2017.