ECLI:NL:CRVB:2019:339
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Stehouwer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging maatregel verlaging AIO-aanvulling wegens onverantwoord vermogen in buitenland
Appellant ontving een aanvullende inkomensvoorziening ouderen (AIO) naast zijn AOW. De Sociale verzekeringsbank (Svb) trok de aanvulling in en vorderde terugbetaling wegens een te hoog vermogen, bestaande uit een woning in Paramaribo, Suriname. Appellant had de woning in 2015 zonder tegenprestatie op naam van zijn zoon gezet.
Na heraanvraag van de AIO kende de Svb een maatregel toe waarbij maandelijks een bedrag werd ingehouden op de aanvulling vanwege het onverantwoordelijk omgaan met vermogen. De waarde van de woning werd vastgesteld op €77.800, met aftrek van vorderingen en vrijstellingen bleef een vermogen over waarop appellant had moeten interen.
Appellant voerde aan dat de taxatie onjuist was, maar de Raad oordeelde dat het taxatierapport van de Attaché Sociale Zaken betrouwbaar was en dat het latere taxatierapport van appellant niet relevant was voor de situatie op het moment van overdracht. De Raad bevestigde daarom de maatregel en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: De maatregel tot verlaging van de AIO-aanvulling wordt bevestigd vanwege onverantwoord vermogensbeheer door overdracht van de woning aan de zoon.