ECLI:NL:CRVB:2017:2441
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering AIO-aanvulling wegens verzwegen onroerend goed in Suriname
Appellant ontving vanaf 2005 bijstand en vanaf 2009 een AIO-aanvulling. In 2013 ontving de Sociale verzekeringsbank (Svb) een tip over onroerend goed van appellant in Suriname, waarna onderzoek plaatsvond. Uit officiële registers bleek dat appellant eigenaar was van een perceel met woning ter waarde van €77.800.
De Svb besloot in 2014 de AIO-aanvulling terug te vorderen omdat appellant het bezit van het onroerend goed niet had gemeld, wat een schending van de inlichtingenplicht is. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel.
Appellant voerde aan dat het perceel feitelijk toebehoorde aan zijn overleden echtgenote en dat hij de Svb had geïnformeerd via sociale recherche. De Raad oordeelde dat appellant onvoldoende tegenbewijs leverde en dat hij de meldingsplicht niet had nageleefd. De uitspraak bevestigt de terugvordering van €23.990,32 netto over de periode juli 2009 tot september 2014.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van de AIO-aanvulling wegens niet gemeld onroerend goed.