Betrokkene, bekend met Adrenogenitaal syndroom (AGS), PDD-NOS en niet-aangeboren hersenletsel, vroeg zorg op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz). Het CIZ wees de aanvraag af, omdat volgens medisch advies geen medische noodzaak bestond voor permanent toezicht of 24-uurs zorg. De rechtbank oordeelde dat het CIZ onvoldoende onderzoek had gedaan naar de invloed van psychiatrische aandoeningen op de zorgbehoefte en vernietigde het besluit.
In hoger beroep stelde het CIZ dat alleen de somatische en lichamelijke grondslagen relevant zijn voor Wlz-toegang en dat psychiatrische problematiek geen zelfstandige grondslag biedt. De Raad oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat nader onderzoek naar de psychiatrische invloed nodig was, omdat deze niet tot recht op Wlz-zorg leidt.
De Raad vond het medisch onderzoek zorgvuldig en concludeerde dat de escalatie van AGS niet acuut verloopt en betrokkene adequaat kan reageren. Er was geen onderbouwing voor de stelling dat 24-uurs zorg noodzakelijk is. Het beroep werd ongegrond verklaard en het bestreden besluit bevestigd.