ECLI:NL:CRVB:2019:2438
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Stehouwer
- Y.J. Klik
- M.F. Wagner
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering bijstand wegens niet gemelde werkzaamheden en niet wonen op uitkeringsadres
Appellant ontving bijstand en stond ingeschreven op een uitkeringsadres. Het college heeft de bijstand ingetrokken over een periode in 2015 en vanaf oktober 2016, met terugvordering van de kosten, omdat appellant geen melding maakte van werkzaamheden voor een bedrijf en onduidelijkheid gaf over zijn woonsituatie.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit in hoger beroep. Appellants stelling dat de werkzaamheden onderdeel van een stage waren, werd verworpen omdat ook stagewerkzaamheden als op geld waardeerbare werkzaamheden gelden en appellant geen bewijs leverde dat hij geen vergoeding ontving.
Daarnaast slaagde het verweer dat appellant wel hoofdverblijf op het uitkeringsadres had niet, omdat het huisbezoek en waterverbruik wezen op een andere woonsituatie. De Raad concludeerde dat appellant de inlichtingenverplichting had geschonden en het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking en terugvordering van bijstand bevestigd.