ECLI:NL:CRVB:2019:2207
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering AIO-aanvulling wegens niet gemeld buitenlands vermogen
Appellante en haar overleden echtgenoot ontvingen van 2007 tot 2015 een AIO-aanvulling. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) ontdekte via een onderzoek in Turkije dat zij niet gemeld vermogen hadden, namelijk een onroerende zaak op naam van de echtgenoot. Hierdoor werd de AIO-aanvulling ingetrokken en teruggevorderd.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat het onderzoek in Turkije onrechtmatig was vanwege strijd met Turkse wetgeving en dat het recht op privacy (artikel 8 EVRM Pro) was geschonden. De Raad oordeelde dat Nederlands recht geen vereiste stelt dat bewijs verkregen volgens Turks recht moet zijn, en dat het onderzoek proportioneel en subsidiariteit betrachtte.
De Raad verwierp de bezwaren van appellante, bevestigde de eerdere uitspraak van de rechtbank Amsterdam en wees het beroep af. Er werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van de AIO-aanvulling wegens niet gemeld vermogen in Turkije.