ECLI:NL:CRVB:2019:2105
Centrale Raad van Beroep
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering herziening WW-uitkeringsbesluit wegens ontbreken nieuwe feiten
De appellant verzocht om herziening van een besluit van 31 januari 2008 waarbij een WW-uitkering blijvend werd geweigerd. De rechtbank had dit verzoek afgewezen omdat er geen sprake was van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden zoals bedoeld in artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak.
De appellant had geen rechtsmiddel aangewend tegen het oorspronkelijke besluit en had medische stukken uit 2007 kunnen inbrengen in een eerdere procedure. Het niet voeren van die procedure komt voor zijn rekening en risico. Er is ook geen sprake van een evident onredelijk besluit.
De Raad wijst het verzoek om herziening af en ziet geen aanleiding tot toewijzing van proceskosten. De beslissing is genomen na een mondelinge behandeling op 29 mei 2019.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van het WW-uitkeringsbesluit wordt afgewezen wegens ontbreken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.