ECLI:NL:RBMNE:2017:4676
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.A.C. de Vaan
- R.C. Stijnen
- M.C. Brans
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening van blijvende weigering WW-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten
Eiser, voormalig werknemer, verzocht herhaaldelijk om terug te komen op het besluit van 31 januari 2008, waarbij zijn WW-uitkering blijvend werd geweigerd wegens verwijtbare werkloosheid. Verweerder wees dit verzoek af omdat eiser geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden had aangevoerd die een herziening rechtvaardigen.
De rechtbank stelde vast dat de medische stukken uit juni 2007, waarop eiser zich beroept, reeds bij hem bekend waren ten tijde van het oorspronkelijke besluit en dus geen nieuwe feiten vormen. Tevens werd geoordeeld dat eiser zijn bezwaren tegen het oorspronkelijke besluit tijdig had moeten aanvoeren, wat niet was gebeurd.
Eiser voerde verder aan dat het bezwaar niet tijdig was behandeld en dat verweerder niet op de inhoud van het verweerschrift was ingegaan, maar deze gronden werden verworpen. De rechtbank concludeerde dat verweerder bevoegd was het verzoek af te wijzen en dat er geen sprake was van misbruik van bevoegdheid.
Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering om terug te komen op het besluit tot blijvende weigering van de WW-uitkering wordt ongegrond verklaard.