ECLI:NL:CRVB:2019:1871
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing IVA-uitkering wegens niet-duurzame volledige arbeidsongeschiktheid
Werknemer was werkzaam als dakdekker en viel uit wegens rugklachten. Het UWV kende een loongerelateerde WGA-uitkering toe met een vastgestelde 100% arbeidsongeschiktheid. Appellante stelde dat werknemer recht had op een IVA-uitkering vanwege duurzame arbeidsongeschiktheid, maar het UWV en de rechtbank oordeelden dat de arbeidsongeschiktheid niet duurzaam was.
In hoger beroep stelde appellante dat ook na het vervallen van uitzonderingscategorieën er nog arbeidsbeperkingen zijn die leiden tot volledige arbeidsongeschiktheid. De Raad beoordeelde dat duurzaam in de Wet WIA betekent een medisch stabiele of verslechterende situatie of een geringe kans op herstel op lange termijn.
De verzekeringsarts bezwaar en beroep had een gedegen rapport opgesteld waaruit bleek dat na een periode van bedlegerigheid geleidelijke mobilisering mogelijk is en op termijn verbetering van de belastbaarheid verwacht wordt. Er is een meer dan geringe kans op herstel, waardoor geen recht bestaat op een IVA-uitkering.
De Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank en het UWV en bevestigde de afwijzing van de IVA-uitkering. Er was geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de werknemer geen recht heeft op een IVA-uitkering omdat de volledige arbeidsongeschiktheid niet duurzaam is.