ECLI:NL:CRVB:2018:989
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot heroverweging intrekkingsbesluit bijstand wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellanten verzochten het college van burgemeester en wethouders van Hengelo om terug te komen op het besluit van 16 november 2010, waarbij hun algemene en bijzondere bijstand en langdurigheidstoeslag over de periode 1997-2010 werden ingetrokken en teruggevorderd tot een bedrag van €207.078,55. Dit besluit was eerder door de rechtbank Almelo bevestigd en het hoger beroep door appellanten ingetrokken.
Appellanten stelden dat het intrekkingsbesluit was gebaseerd op een onderzoek dat in strijd was met het Europees Verdragsrecht, verwijzend naar het arrest Kühne en Heitz van het Europees Hof van Justitie. Het college wees het verzoek af omdat er geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden waren aangevoerd.
De Raad toetste of het college zich terecht en zorgvuldig had opgesteld en oordeelde dat de aangevoerde gronden geen nieuwe feiten of omstandigheden betroffen die niet eerder konden worden ingebracht. Ook was niet voldaan aan de voorwaarden uit het arrest Kühne en Heitz voor heronderzoek van een definitief besluit. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het verzoek om terug te komen van het intrekkingsbesluit bijstand is terecht afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.