ECLI:NL:CRVB:2018:4272
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid van verzet wegens te late indiening in hoger beroep sociale zekerheidsrecht
Appellante stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar betaalde het griffierecht niet tijdig. De Raad verklaarde het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk. Vervolgens stelde de gemachtigde van appellante verzet in tegen deze beslissing.
Het verzet werd behandeld op 13 november 2018. De Raad overwoog dat het verzetschrift te laat was ingediend; de uiterste dag voor het indienen was 14 augustus 2018, terwijl het verzetschrift pas op 27 augustus 2018 per fax binnenkwam.
Appellante voerde aan dat het verzetschrift op 13 augustus per post was verzonden, maar de Raad oordeelde dat het risico van late ontvangst bij de verzender ligt. Omdat geen verschoonbare omstandigheden waren aangevoerd, werd het verzet niet-ontvankelijk verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzet wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening zonder verschoonbare omstandigheden.