ECLI:NL:CRVB:2018:3769
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.T.H. Zimmerman
- P.W. van Straalen
- M. ter Brugge
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering bijstand na niet-nakoming inlichtingenverplichting
Betrokkenen ontvingen vanaf juni 2013 bijstand, welke later werd ingetrokken vanwege schending van de inlichtingenverplichting. Het dagelijks bestuur vorderde de gemaakte bijstandskosten terug over de periode van juni 2013 tot juli 2014. De rechtbank verklaarde het bezwaar tegen de terugvordering over een deel van de periode ongegrond en vernietigde een besluit over niet-ontvankelijkheid van bezwaar.
Betrokkenen stelden dat zij recht op bijstand zouden hebben gehad indien zij alle gegevens correct hadden verstrekt, en verzochten om matiging van de terugvordering. Zij onderbouwden dit verzoek echter niet met concrete stukken, ook niet in hoger beroep. De Raad oordeelde dat de medische situatie van de zoon van betrokkenen geen onderbouwing van het recht op bijstand vormt, maar slechts een verklaring voor het niet verstrekken van gegevens.
De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verwierp het incidenteel hoger beroep. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in proceskosten. De terugvordering blijft onverminderd van kracht.
Uitkomst: De terugvordering van bijstand wordt niet gematigd en blijft onverminderd van kracht.