ECLI:NL:CRVB:2018:3412
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- K.J. Kraan
- H. Lagas
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing beroep tegen intrekking Toelage Overgangsrecht en wijziging piketvergoeding Veiligheidsregio Utrecht
Appellant, werkzaam bij de Veiligheidsregio Utrecht, voerde in hoger beroep aan dat hij onder de werking van artikel III.1.1, onder b, van de UVRU en artikel 4:8 van Pro de CAR viel, waardoor de lokale Zeisterregeling op hem van toepassing zou zijn gebleven. Hij stelde dat de Toelage Onregelmatige Dienst (TOD) als één toelage moet worden gezien en dat de inkomensachteruitgang door de nieuwe vergoedingsregeling gecompenseerd had moeten worden via een Toelage Overgangsrecht (TOR) of een afbouwregeling.
De Raad oordeelde dat appellant niet onder de bijzondere werktijdenregeling valt omdat hij zeggenschap heeft over zijn reguliere werktijden. De TOD is een totaalvergoeding voor verschillende werkzaamheden en mag worden gesplitst in afzonderlijke vergoedingen. De inkomensachteruitgang kon niet duidelijk worden vastgesteld en rechtvaardigde geen compensatie. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat geen gelijke gevallen waren vastgesteld.
De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit van het dagelijks bestuur van de Veiligheidsregio Utrecht en de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.