Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:CRVB:2018:3035

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
18 september 2018
Publicatiedatum
4 oktober 2018
Zaaknummer
17/2980 PW-PV
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging intrekking bijzondere bijstand wegens niet gemelde verkoop via internet

Appellanten ontvingen bijzondere bijstand en langdurigheidstoeslag, die het college van burgemeester en wethouders van Heerlen per 1 december 2013 introk. De intrekking was gebaseerd op het feit dat appellanten de verkoop van goederen via internet niet aan het college hadden gemeld en geen boekhouding bijhielden, waardoor het recht op bijstand achteraf niet kon worden vastgesteld.

In hoger beroep voerden appellanten aan dat het ging om incidentele verkoop van privégoederen, waardoor melding niet nodig was. De rechtbank verwierp dit standpunt, gelet op het grote aantal advertenties (ongeveer 145) over een periode van ruim anderhalf jaar, waarbij regelmatig advertenties werden geplaatst en herhaald. De Raad sluit zich aan bij deze beoordeling en wijst ook het argument af dat het aantal advertenties beperkt was.

De Raad ziet geen aanleiding voor een toets aan de evenredigheid en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Er wordt geen proceskostenveroordeling uitgesproken. De beslissing is in het openbaar uitgesproken en gebaseerd op de overwegingen in het proces-verbaal.

Uitkomst: De intrekking van de bijzondere bijstand en langdurigheidstoeslag wordt bevestigd wegens niet gemelde internetverkoop.

Uitspraak

17.2980 PW-PV

Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de Rechtbank Limburg van 2 maart 2017, 16/1373 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[appellant] (appellant) en [appellante] (appellante), beiden te [woonplaats]
Het college van burgemeester en wethouders van Heerlen (college)
Datum uitspraak: 18 september 2018
Zitting heeft: J.N.A. Bootsma
Griffier: Y. Itkal
Appellanten zijn verschenen, bijgestaan door mr. R.P.F. Rober, advocaat.
Het college heeft zich niet laten vertegenwoordigen.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen.
1. Het college heeft per 1 december 2013 de (bijzondere) bijstand en de langdurigheidstoeslag terecht ingetrokken. De reden voor de intrekking is dat appellanten de verkoop van goederen op internet niet aan het college hebben gemeld en er ook geen boekhouding van hebben bijgehouden, waardoor achteraf het recht op bijstand vanaf 1 december 2013 niet meer is vast te stellen.
2. Appellanten hebben in hoger beroep de beroepsgrond herhaald dat het ging om de incidentele verkoop van privégoederen, zodat zij dit niet hadden hoeven melden. De rechtbank heeft deze grond in de aangevallen uitspraak besproken en is tot het oordeel gekomen dat deze grond niet kan slagen. Gelet op het aantal advertenties van 143 (lees: 145) in de periode vanaf december 2013 tot en met 21 (lees: 10) augustus 2015, waarbij maandelijks meerdere advertenties werden geplaatst en oude advertenties opnieuw werden geplaatst, ging het niet om incidentele privéverkoop. Zie hiervoor de uitspraak van de Raad van 11 juli 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:2366. De achteraf opgestelde verklaringen van de kinderen zijn niet met gegevens onderbouwd.
3. De Raad kan zich vinden in het oordeel van de rechtbank en de overwegingen waarop dat oordeel rust. Hij voegt hieraan toe dat het argument van appellanten dat het ging om een beperkt aantal advertenties in drieënhalf jaar feitelijk onjuist is en alleen daarom al niet slaagt. Voor een toets aan de evenredigheid is geen plaats.
4. Het hoger beroep slaagt niet. De aangevallen uitspraak moet worden bevestigd.
5. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier De voorzitter
(getekend) Y. Itkal (getekend) J.N.A. Bootsma
Voor eensluidend afschrift
de griffier van de
Centrale Raad van Beroep

RB