Uitspraak
16.1276 WSF
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- veroordeelt de minister in de proceskosten van betrokkene tot een bedrag van € 1.002,-;
- bepaalt dat van de minister een griffierecht wordt geheven van € 503,-.
Centrale Raad van Beroep
Betrokkene ontving studiefinanciering op basis van de norm voor uitwonende studenten. De minister voerde een onderzoek uit naar haar woonsituatie en herzag de studiefinanciering naar de norm voor thuiswonenden, met terugvordering en een bestuurlijke boete.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van betrokkene gegrond en vernietigde het besluit van de minister. De minister ging in hoger beroep en voerde als aanvullend bewijs reisgegevens aan die zouden aantonen dat betrokkene niet op haar BRP-adres woonde.
De Raad oordeelde dat het oorspronkelijke onderzoek onbevoegd was en het rapport niet als bewijs kon worden toegelaten. Reisgegevens alleen zijn onvoldoende om de bewijslast te dragen, zeker gezien de verklaring van betrokkene. Daarom werd het hoger beroep afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
De minister werd veroordeeld in de proceskosten van betrokkene en moest griffierecht betalen.
Uitkomst: Hoger beroep minister afgewezen; oorspronkelijke uitspraak bevestigd en proceskosten opgelegd.