ECLI:NL:CRVB:2018:2669
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- E. Dijt
- A.I. van der Kris
- R.B. Kleiss
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van WIA-uitkeringsbesluit ondanks betwisting medische beperkingen
Appellant heeft zich wegens psychische klachten ziek gemeld en een WIA-uitkering aangevraagd. Het UWV stelde beperkingen vast op basis van een verzekeringsarts en arbeidsdeskundige, en kende een loongerelateerde WGA-uitkering toe met een arbeidsongeschiktheid van 62,90%.
Appellant maakte bezwaar en bracht aanvullende medische informatie in, waaronder een rapport van Verburg en Hoitinga, en betwistte de juistheid van het deskundigenrapport van de door de rechtbank benoemde psychiater Van der Drift. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en volgde het deskundigenrapport.
In hoger beroep heeft appellant aangevoerd dat hij door zijn chronische psychiatrische aandoeningen geheel niet in staat is tot arbeid, maar de Raad oordeelde dat het deskundigenrapport voldoende gemotiveerd en overtuigend is. De aanvullende medische informatie bevat geen gemotiveerde betwisting van het deskundigenrapport en betreft grotendeels een latere periode dan de datum in geding.
De Raad zag geen aanleiding tot benoeming van een onafhankelijke deskundige en bevestigde dat de functies passend zijn binnen de belastbaarheid van appellant. Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en het besluit van het UWV tot toekenning van een WIA-uitkering met 62,90% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd.