ECLI:NL:CRVB:2018:1169
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking toezegging en handhaving ontslag politieambtenaar wegens drugsgebruik
Betrokkene was sinds 2011 politieambtenaar en gebruikte gedurende meerdere jaren cocaïne, terwijl hij als normhandhavend politiefunctionaris juist op dit gebied moest optreden. Na een melding over zijn psychische toestand en middelengebruik volgden gesprekken, medische onderzoeken en afspraken over re-integratie in niet-executieve werkzaamheden.
Ondanks een uitdrukkelijke toezegging op 29 oktober 2015 dat betrokkene niet zou worden ontslagen, trok de korpschef dit later in en legde hij op 6 april 2016 onvoorwaardelijk ontslag op wegens ernstig plichtsverzuim. De rechtbank vernietigde dit besluit omdat de toezegging een gerechtvaardigd vertrouwen had gewekt.
De Centrale Raad van Beroep onderschrijft de toezegging maar oordeelt dat het terugkomen daarop rechtens toelaatbaar is gezien het zware organisatiebelang. Het langdurige drugsgebruik en de integriteitseisen binnen de politie wegen zwaarder dan de belangen van betrokkene. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het eerdere vonnis vernietigd en het beroep tegen het ontslag ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het ontslagbesluit wordt ongegrond verklaard en het ontslag gehandhaafd.